Numeri 5:7 - Statenvertaling Jongbloed-editie7 En zij zullen hun zonde, welke zij gedaan hebben, belijden; daarna zal hij zijn schuld weder uitkeren, naar de hoofdsom daarvan, en derzelver vijfde deel zal hij daarboven toedoen, en zal het dien geven, aan wien hij zich verschuldigd heeft. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel7 Hij moet hardop zeggen wat hij voor verkeerds gedaan heeft. Als hij door wat hij gedaan heeft iets aan een ander schuldig is, moet hij hem betalen wat hij hem schuldig is. En hij moet hem bovendien een boete betalen van een vijfde deel van de waarde van wat hij schuldig was. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling7 Zij zullen hun zonde, die zij gedaan hebben, belijden. Hij moet zijn schuld in zijn geheel terugbetalen en een vijfde deel erbij doen en hij zal het geven aan degene tegenover wie hij schuldig geworden is. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling7 Zij moeten hun zonde, die zij gedaan hebben, belijden; daarna moet hij van zijn schuld de volle waarde vergoeden en er bovendien nog een vijfde deel aan toevoegen. Hij moet het geven aan hem tegenover wie hij zich schuldig heeft gemaakt. Zie het hoofdstukHet Boek7 hij zijn zonde moet belijden en wat hij schuldig is, volledig moet vergoeden met een vijfde deel extra, aan degene die hij heeft benadeeld. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19517 dan zullen zij de zonden belijden, die zij begaan hebben; en daarna de volle waarde van wat hij schuldig is, vergoeden, vermeerderd met een vijfde, en dat geven aan degene tegenover wie hij zich schuldig gemaakt heeft. Zie het hoofdstuk |