Markus 8:6 - Statenvertaling Jongbloed-editie6 En Hij gebood de schare neder te zitten op de aarde, en Hij nam de zeven broden, en gedankt hebbende, brak Hij ze, en gaf ze Zijn discipelen, opdat zij ze zouden voorleggen; en zij legden ze der schare voor. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel6 Hij zei tegen de mensen dat ze op de grond moesten gaan zitten. Hij nam de zeven broden en dankte God ervoor. Toen brak Hij de broden in stukken en gaf die aan de leerlingen om uit te delen. Ze deelden het brood uit aan de mensen. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling6 Daarop gebood Hij de menigten om op de grond te gaan zitten en Hij nam de zeven broden, zegende die, brak ze en gaf ze aan zijn discipelen, opdat zij die aan hen zouden voorzetten en zij zetten die aan de menigten voor. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling6 En Hij gebood de menigte op de grond te gaan zitten. En Hij nam de zeven broden en nadat Hij gedankt had, brak Hij ze en gaf ze aan Zijn discipelen om ze hun voor te zetten; en zij zetten ze de menigte voor. Zie het hoofdstukHet Boek6 ‘Zeven,’ antwoordden zij. Hij zei dat iedereen op de grond moest gaan zitten. Daarna nam Hij de zeven broden, dankte God ervoor en brak ze in stukken. Zijn leerlingen brachten het brood naar de mensen. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19516 En Hij gaf aan de schare bevel op de grond te gaan zitten. En Hij nam de zeven broden, dankte, brak ze en gaf ze aan zijn discipelen om ze hun voor te zetten, en zij zetten ze voor aan de schare. Zie het hoofdstuk |