Markus 8:29 - Statenvertaling Jongbloed-editie29 En Hij zeide tot hen: Maar gijlieden, wie zegt gij dat Ik ben? En Petrus, antwoordende, zeide tot Hem: Gij zijt de Christus. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel29 Hij vroeg hun: "En jullie? Wie ben Ik volgens jullie?" Petrus antwoordde Hem: "U bent de Messias ." Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling29 Hij zei tegen hen: “Maar jullie, wie zeggen jullie dat Ik ben?” Simeon antwoordde en zei tegen Hem: “U bent de Christus, de Zoon van de levende GOD!” Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling29 En Hij zei tegen hen: Maar u, wie zegt u dat Ik ben? En Petrus antwoordde en zei tegen Hem: U bent de Christus. Zie het hoofdstukHet Boek29 ‘En jullie dan?’ vroeg Hij. ‘Wat denken jullie van Mij? Wie ben Ik?’ Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195129 En Hij vroeg hun: Maar gij, wie zegt gij, dat Ik ben? Petrus antwoordde en zeide: Gij zijt de Christus. Zie het hoofdstuk |