Markus 6:48 - Statenvertaling Jongbloed-editie48 En Hij zag, dat zij zich zeer pijnigden, om het schip voort te krijgen; want de wind was hun tegen; en omtrent de vierde wake des nachts, kwam Hij tot hen, wandelende op de zee, en wilde hen voorbijgaan. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel48 De leerlingen hadden de wind tegen. Ze moesten hard zwoegen om vooruit te komen. Toen Hij dat zag, kwam Hij naar hen toe. Het was inmiddels ongeveer drie uur 's nachts. Hij liep over het meer en wilde hen voorbij gaan. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling48 Hij zag dat zij zich heel erg afmatten bij het roeien, want zij hadden de wind tegen. Tijdens de vierde nachtwacht kwam Jezus naar hen toe, terwijl Hij over de zee liep en Hij wilde hen voorbijgaan. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling48 En Hij zag dat zij veel moeite moesten doen om het schip vooruit te krijgen, want zij hadden de wind tegen; en omstreeks de vierde nachtwake kwam Hij, lopend op de zee, naar hen toe en wilde hun voorbijgaan. Zie het hoofdstukHet Boek48 Jezus zag hoe zij tegen de wind in moesten roeien. Hij liep over het meer naar hen toe en stond op het punt hen voorbij te gaan. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195148 En toen Hij zag, dat zij zich aftobden om vooruit te komen bij het varen – want zij hadden de wind tegen – kwam Hij omstreeks de vierde nachtwake tot hen, gaande over de zee; en Hij wilde hen voorbijgaan. Zie het hoofdstuk |