Markus 10:51 - Statenvertaling Jongbloed-editie51 En Jezus, antwoordende, zeide tot hem: Wat wilt gij, dat Ik u doen zal? En de blinde zeide tot Hem: Rabboni! dat ik ziende mag worden. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel51 En Jezus vroeg hem: "Wat wil je dat Ik voor je doe?" De blinde man antwoordde: "Meester, ik wil zo graag kunnen zien!" Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling51 Jezus zei tegen hem: “Wat wil je dat Ik voor je doen zal?” De blinde zei tegen Hem: “Mijn Meester, dat ik zal kunnen zien.” Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling51 En Jezus antwoordde hem en zei: Wat wilt u dat Ik voor u doen zal? En de blinde zei tegen Hem: Rabboni, dat ik ziende mag worden. Zie het hoofdstukHet Boek51 ‘Wat kan Ik voor u doen?’ vroeg Jezus. ‘Och, Here,’ antwoordde de blinde man, ‘ik wil zo graag kunnen zien!’ Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195151 En Jezus antwoordde en zeide tot hem: Wat wilt gij, dat Ik u doen zal? De blinde zeide tot Hem: Rabboeni, dat ik ziende worde! Zie het hoofdstuk |