Ester 9:1 - Statenvertaling Jongbloed-editie1 In de twaalfde maand nu (dezelve is de maand Adar), op den dertienden dag derzelve, toen des konings woord en zijn wet nabij gekomen was, dat men het doen zou, ten dage, als de vijanden der Joden hoopten over hen te heersen, zo is het omgekeerd, want de Joden heersten over hun haters. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel1 Op de 13e dag van de twaalfde maand, de maand Adar, was het zo ver. Het bevel van de koning moest worden uitgevoerd. De vijanden van de Judeeërs hoopten de Judeeërs nu te vernietigen. Maar het omgekeerde gebeurde. Het werd een dag waarop de Judeeërs juist zelf hun vijanden konden doden. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling1 In de twaalfde maand, dat is de maand Adar, op de dertiende dag ervan, toen de uitvoering van het woord van de koning en zijn wet dichtbij gekomen was, op de dag dat de vijanden van de Joden gehoopt hadden hen in hun macht te krijgen, gebeurde juist het omgekeerde, want de Joden kregen de macht over hen die hen haten. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling1 In de twaalfde maand, dat is de maand Adar, op de dertiende dag ervan, toen het moment gekomen was om het woord van de koning en zijn wet uit te voeren, op de dag waarop de vijanden van de Joden hoopten hen in hun macht te krijgen, gebeurde het omgekeerde, want de Joden zelf kregen hun haters in hun macht. Zie het hoofdstukHet Boek1 De dag brak aan waarop de twee besluiten van de koning van kracht werden. De vijanden van de Joden hadden gehoopt hen die dag te kunnen vermoorden. Maar de rollen werden omgekeerd: de Joden overweldigden hun belagers! Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19511 Op de dertiende dag der twaalfde maand – dat is de maand Adar – toen het woord en de wet des konings tot uitvoering zouden komen, op de dag waarop de vijanden der Joden gehoopt hadden hen te overweldigen, maar die integendeel werd tot een dag waarop de Joden zelf hun haters overweldigen konden, Zie het hoofdstuk |