Ester 8:3 - Statenvertaling Jongbloed-editie3 En Esther sprak verder voor het aangezicht des konings, en zij viel voor zijn voeten, en zij weende, en zij smeekte hem, dat hij de boosheid van Haman, den Agagiet, en zijn gedachte, die hij tegen de Joden gedacht had, zou wegnemen. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel3 Toen sprak Ester opnieuw met de koning. Ze liet zich huilend voor zijn voeten op de grond vallen. Ze smeekte hem dat hij iets zou doen tegen de vreselijke plannen van Haman. Ze smeekte hem te voorkomen dat alle Judeeërs zouden worden vermoord. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling3 Opnieuw sprak Ester tot de koning en zij viel aan zijn voeten neer en huilde en zij smeekte hem dat hij het kwaad van de Agagiet Haman en het plan dat hij tegen de Joden had uitgedacht, zou afwenden. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling3 Esther sprak opnieuw in de tegenwoordigheid van de koning. Zij viel aan zijn voeten neer, huilde en smeekte hem het onheil van Haman, de Agagiet, en zijn plan dat hij tegen de Joden had bedacht, weg te nemen. Zie het hoofdstukHet Boek3 Esther ging opnieuw naar de koning en knielde voor hem neer. Onder tranen smeekte zij hem Hamans vreselijke plan tegen de Joden te verijdelen. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19513 Toen richtte Ester opnieuw het woord tot de koning en zij viel hem te voet en wenende smeekte zij hem, dat hij het boze plan van Haman, de Agagiet, en de aanslag die hij beraamd had tegen de Joden, zou verijdelen. Zie het hoofdstuk |