Onlinebijbel

- Advertenties -




Ester 7:8 - Statenvertaling Jongbloed-editie

8 Toen de koning wederkwam uit den hof van het paleis in het huis van den maaltijd des wijns, zo was Haman gevallen op het bed, waarop Esther was. Toen zeide de koning: Zou hij ook wel de koningin verkrachten bij mij in het huis? Het woord ging uit des konings mond, en zij bedekten Hamans aangezicht.

Zie het hoofdstuk Kopiëren


Meer versies

BasisBijbel

8 De koning kwam weer uit de paleistuin. Hij liep de zaal in waar ze wijn hadden zitten drinken. Daar zag hij dat Haman zich had laten neervallen op de bank waarop Ester zat. Toen riep de koning: "Durf je ook nog de koningin in mijn eigen paleis te bedreigen?" En op zijn bevel werd Haman door een paar dienaren geblinddoekt.

Zie het hoofdstuk Kopiëren

EBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling

8 Toen de koning uit de paleistuin terugkeerde in het huis waar de maaltijd met de wijn was, was Haman op de rustbank gevallen, waarop Ester zat. Toen zei de koning: “En dan ook nog de koningin bij mij in huis aanranden?” Het woord was nog niet uit de mond van de koning gekomen of zij bedekten Hamans gezicht.

Zie het hoofdstuk Kopiëren

Herziene Statenvertaling

8 Toen de koning uit de tuin van het paleis terugkwam in de zaal waar men de wijn gedronken had, was Haman neergevallen op het rustbed waarop Esther lag. En de koning zei: Zou hij ook nog de koningin in huis aanranden in mijn bijzijn? Toen dit woord uit de mond van de koning was gekomen, bedekte men het gezicht van Haman.

Zie het hoofdstuk Kopiëren

Het Boek

8 Hij viel neer op het rustbed waarop koningin Esther lag, juist op het moment waarop de koning uit de paleistuin terugkwam. ‘Wat?’ bulderde de koning. ‘Durf je ook nog de koningin in mijn paleis, onder mijn ogen aan te randen?’ Nadat de koning de beschuldiging had uitgesproken, bedekte men Hamans gezicht.

Zie het hoofdstuk Kopiëren

NBG-vertaling 1951

8 Toen de koning terugkeerde uit de tuin van het paleis in de zaal, waar men de wijn dronk, was Haman neergevallen op het rustbed, waarop Ester lag. Toen zeide de koning: Ook nog de koningin bij mij in het paleis geweld aandoen? Zodra dit woord uit de mond des konings was uitgegaan, omwond men het gelaat van Haman.

Zie het hoofdstuk Kopiëren




Ester 7:8

Volg ons:

Advertenties


Advertenties