Ester 5:8 - Statenvertaling Jongbloed-editie8 Indien ik genade gevonden heb in de ogen des konings, en indien het den koning goeddunkt, mij te geven mijn bede, en mijn verzoek te doen, zo kome de koning met Haman tot den maaltijd, dien ik hem bereiden zal; zo zal ik morgen doen naar het bevel des konings. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel8 "Wat ik wil vragen is dit: zou u alstublieft morgen met Haman naar de feestmaaltijd willen komen die ik morgen voor u zal klaarmaken? Dan zal ik u morgen laten weten wat ik u wil vragen." Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling8 als ik dan genade heb gevonden in de ogen van de koning en als de koning het goedvindt om aan mijn wens en mijn verzoek te voldoen, dat de koning met Haman naar de feestelijke maaltijd komt die ik voor hen zal klaarmaken en dan zal ik morgen aan het woord van de koning gehoor geven.” Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling8 Als ik genade heb gevonden in de ogen van de koning, en als het de koning goeddunkt op mijn vraag in te gaan en aan mijn verzoek te voldoen, laat dan de koning met Haman naar de maaltijd komen die ik voor hen zal aanrichten, en dan zal ik morgen doen overeenkomstig het woord van de koning. Zie het hoofdstukHet Boek8 Het is mijn grootste wens dat, als uwe majesteit mij een gunst wil bewijzen en mijn verzoek wil inwilligen, u morgen weer met Haman naar een diner komt dat ik voor u klaarmaak. Dán zal ik uw vraag beantwoorden.’ Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19518 Indien ik de genegenheid van de koning gewonnen heb en het de koning behaagt mijn verzoek toe te staan en mijn wens in te willigen, dan moge de koning met Haman komen tot het feestmaal dat ik voor hen aanrichten wil; dan zal ik morgen doen, zoals de koning zegt. Zie het hoofdstuk |