Daniël 3:10 - Statenvertaling Jongbloed-editie10 Gij, o koning! hebt een bevel gegeven, dat alle mensen, die horen zouden het geluid des hoorns, der pijp, der citer, der vedel, der psalteren, en des akkoordgezangs, en allerlei soorten van muziek, nedervallen, en het gouden beeld aanbidden zouden; Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel10 U heeft het bevel gegeven dat, zodra de muziek begon te spelen, iedereen moest neerknielen en zich diep moest buigen om het gouden beeld te aanbidden. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling10 U, o koning, hebt bevel gegeven dat alle mensen, die het geluid van de hoorn, fluit, lier, luit, harp, dubbelfluit en van allerlei muziekinstrumenten horen, moeten neervallen en het gouden beeld moeten aanbidden. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling10 U, o koning, hebt zelf bevel gegeven dat iedereen die het geluid zou horen van de hoorn, fluit, citer, luit, lier, panfluit, en allerlei muziekinstrumenten, moest neervallen en het gouden beeld aanbidden, Zie het hoofdstukHet Boek10 ‘u hebt bevel gegeven dat iedereen zich op de grond moet laten vallen en het gouden beeld aanbidden, zodra de muziek begint te spelen. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195110 Gij, o koning, hebt bevel gegeven, dat iedereen die het geluid hoort van hoorn, fluit, citer, luit, harp, doedelzak en allerlei soort van muziekinstrumenten, zich ter aarde werpen zal en het gouden beeld aanbidden, Zie het hoofdstuk |