Daniël 11:38 - Statenvertaling Jongbloed-editie38 En hij zal den god Maüzzim in zijn standplaats eren; namelijk den god, welken zijn vaders niet gekend hebben, zal hij eren met goud, en met zilver, en met kostelijk gesteente, en met gewenste dingen. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel38 Hij zal een god aanbidden die zijn voorouders nooit hebben gediend: de god van de burchten. Die zal hij aanbidden met goud, zilver, edelstenen en kostbare voorwerpen. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling38 In plaats daarvan zal hij de god van de vestingen vereren. De god, die zijn vaderen niet gekend hebben, zal hij vereren met goud, zilver, edelstenen en kostbaarheden. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling38 En hij zal de god van de vestingen in zijn standplaats eren. Hij zal namelijk de god die zijn vaderen niet gekend hebben, eren met goud, met zilver, met edelgesteente en met kostbaarheden. Zie het hoofdstukHet Boek38 In plaats daarvan zal hij de vestinggod aanbidden, een afgod van wie zijn voorouders nog nooit hebben gehoord. Hij zal hem vereren met goud, zilver, edelstenen en andere kostbaarheden Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195138 Maar in hun plaats zal hij de god der vestingen vereren: de god die zijn vaderen niet gekend hebben, zal hij vereren met goud en zilver en edelgesteenten en kostbaarheden. Zie het hoofdstuk |