Genesis 1:9 - Het Woord9 En God zei: Laat het water dat onder de hemel is naar één plaats verzameld worden en laat het droge zichtbaar worden en zo was het. Zie het hoofdstukMeer versiesBasisBijbel9 En God zei: "Ik wil dat het water beneden op de aarde naar één plek stroomt, zodat er ook droge grond tevoorschijn komt." Wat Hij zei, gebeurde. Zie het hoofdstukEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling9 En GOD zei: “Laten de wateren onder de hemel naar één plaats samenstromen en laat het droge zichtbaar worden!” En zo gebeurde het. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling9 En God zei: Laat het water dat onder de hemel is, in één plaats samenvloeien en laat het droge zichtbaar worden! En het was zo. Zie het hoofdstukHet Boek9 Daarna zei God: ‘Laat het water onder de hemel samenstromen in zeeën en het droge land zichtbaar worden.’ En dat gebeurde. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19519 En God zeide: Dat de wateren onder de hemel op één plaats samenvloeien en het droge te voorschijn kome; en het was alzo. Zie het hoofdstuk |