Openbaring 9:11 - BasisBijbel11 Hun koning was de engel van de bodemloze put. In het Hebreeuws heet hij Abaddon. In het Grieks heet hij Apollyon [ (='Vernietiger') ]. Zie het hoofdstukMeer versiesEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling11 Zij hadden een koning over zich, de engel van de afgrond. Zijn naam is in het Hebreeuws ‘Abaddo’ en in het Aramees heet hij ‘Shara’ en in het Grieks ‘Apollyon’. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling11 En zij hadden een koning over zich, de engel van de afgrond. Zijn naam is in het Hebreeuws Abaddon, en in het Grieks heeft hij de naam Apollyon. Zie het hoofdstukHet Boek11 Hun aanvoerder was een engel uit de onderwereld. In het Hebreeuws heette hij Abaddon en in het Grieks Apollyon (Verwoester). Zie het hoofdstukNBG-vertaling 195111 Zij hadden over zich als koning de engel des afgronds; zijn naam is in het Hebreeuws Abaddon en in het Grieks heeft hij tot naam Apollyon. Zie het hoofdstukStatenvertaling Jongbloed-editie11 En zij hadden over zich tot een koning den engel des afgronds; zijn naam was in het Hebreeuws Abaddon, en in de Griekse taal had hij den naam Apollyon. Zie het hoofdstuk |