Hooglied 2:3 - BasisBijbel3 [ Zij: ] "En jij, liefste, bent als een appelboom tussen de andere bomen van het bos. Zo ben jij, vergeleken met de andere jongens. Ik wil zo graag in jouw schaduw zitten en van jouw appels eten, want die zijn heerlijk zoet." Zie het hoofdstukMeer versiesEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling3 “Als een appelboom onder de bomen van het woud, zo is mijn geliefde onder de zonen. Ik verlang er innig naar om in zijn schaduw te zitten, zijn vrucht is zoet voor mijn gehemelte. Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling3 Als een appelboom tussen de bomen van het woud, zo is mijn Liefste tussen de jongemannen. Ik verlang er sterk naar in Zijn schaduw te zitten, en Zijn vrucht is zoet voor mijn gehemelte. Zie het hoofdstukHet Boek3 Als ik mijn liefste zie zitten tussen de andere jonge mannen, zie ik een appelboom tussen gewone loofbomen. Ik verlang ernaar in zijn schaduw te zitten en zijn vruchten te proeven. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19513 – Als een appelboom onder de bomen des wouds, zo is mijn geliefde onder de jonge mannen. In zijn schaduw begeer ik te zitten en zoet is zijn vrucht voor mijn verhemelte. Zie het hoofdstukStatenvertaling Jongbloed-editie3 Als een appelboom onder de bomen des wouds, zo is mijn Liefste onder de zonen; ik heb groten lust in Zijn schaduw, en zit er onder, en Zijn vrucht is mijn gehemelte zoet. Zie het hoofdstuk |