2 Samuel 9:4 - BasisBijbel4 De koning vroeg: "Waar woont hij?" Ziba antwoordde de koning: "Hij woont bij Machir, de zoon van Ammiël in Lodebar." Zie het hoofdstukMeer versiesEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling4 De koning zei tegen hem: “Waar is hij?” En Ziba zei tegen de koning: “Zie, hij is in het huis van Machir, de zoon van Ammiël, in Lodebar.” Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling4 De koning zei tegen hem: Waar is hij? En Ziba zei tegen de koning: Zie, hij is in het huis van Machir, de zoon van Ammiël, in Lodebar. Zie het hoofdstukHet Boek4 ‘Waar kan ik hem vinden?’ wilde de koning weten. ‘In Lodebar,’ vertelde Ziba hem. ‘In het huis van Machir, de zoon van Amniël.’ Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19514 De koning vroeg: Waar is hij? En Siba antwoordde de koning: Zie, hij is in het huis van Makir, de zoon van Ammiël, te Lo-Debar. Zie het hoofdstukStatenvertaling Jongbloed-editie4 En de koning zeide tot hem: Waar is hij? En Ziba zeide tot den koning: Zie, hij is in het huis van Machir, den zoon van Ammiël, te Lodebar. Zie het hoofdstuk |