1 Timoteüs 2:9 - BasisBijbel9 Ook wil ik dat de vrouwen zich fatsoenlijk kleden, keurig en bescheiden. Ze moeten niet willen opvallen door ingewikkelde kapsels, veel sieraden en mooie kleren. Zie het hoofdstukMeer versiesEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling9 Zo dienen de vrouwen ook eenvoudig gekleed te gaan. Hun wijze van zich sieren behoort eerbaar en bescheiden te zijn, niet met haarvlechten, goud, parels of prachtige kleren, Zie het hoofdstukHerziene Statenvertaling9 Evenzo wil ik dat de vrouwen zich tooien met eerbare kleding, ingetogen en bezonnen, niet met het vlechten van het haar of met goud of parels of kostbare kleren, Zie het hoofdstukHet Boek9 En de vrouwen moeten bescheiden zijn, nuchter en netjes in hun kleding en gedrag. Zie het hoofdstukNBG-vertaling 19519 Evenzo, dat de vrouwen zich sieren met waardige klederdracht, zedig en ingetogen, niet met haarvlechten en goud of paarlen en kostbare kleding, Zie het hoofdstukStatenvertaling Jongbloed-editie9 Desgelijks ook, dat de vrouwen, in een eerbaar gewaad, met schaamte en matigheid zichzelven versieren, niet in vlechtingen des haars, of goud, of paarlen, of kostelijke kleding; Zie het hoofdstuk |