Daniël 1:7 - BasisBijbel Aspenaz gaf hun andere namen: Daniël noemde hij Beltsazar, Hananja noemde hij Sadrach, Misaël noemde hij Mesach en Azarja noemde hij Abednego. Meer versiesEBV24 een eigentijdse Bijbelvertaling De overste van de hofdienaren gaf hun andere namen. Daniël noemde hij Beltsazar, Hananja Sadrach, Misaël Mesach en Azarja noemde hij Abed-Nego. Herziene Statenvertaling Het hoofd van de hovelingen gaf hun andere namen. Daniël noemde hij Beltsazar, Hananja Sadrach, Misaël Mesach en Azarja Abed-Nego. Het Boek Aspenaz gaf hun echter Babylonische namen: Daniël werd Beltsazar genoemd, Hananja kreeg de naam Sadrach, Misaël noemde hij Mesach en Azarja werd Abednego. NBG-vertaling 1951 de overste der hovelingen gaf hun andere namen: Daniël noemde hij Beltesassar, Chananja Sadrak, Misaël Mesak en Azarja Abednego. Statenvertaling Jongbloed-editie En de overste der kamerlingen gaf hun andere namen, en Daniël noemde hij Beltsazar, en Hananja Sadrach, en Misaël Mesach, en Azarja Abed-nego. VensterBijbel Het hoofd van de hofdienaren gaf hun andere namen: Daniël noemde hij Beltsazar, Hananja Sadrach, Misaël Mesach en Azarja Abednego. |